Vrede in het midden-oosten lijkt verder af dan ooit nu de Israëlisch-Palestijnse kwestie blijft branden. De meedogenloze broederstrijd tussen Hamas en Fatah leidt ondertussen de aandacht af van de stappen die de Israëlische regering kan zetten om tot een oplossing van het conflict te komen. C. leefde In Bethlehem op de Westelijke Jordaanoever en schetste in Verrekijkers 5 de verschillende groepen Israëlis die de kolonies bevolken op de West Bank. Sommigen zien hun aanwezigheid daar als een daad van vaderlandsliefde of zelfs een religieuze plicht terwijl anderen er eerder voor de lage huurprijzen heen trekken. Wat hun motieven ook zijn, volgens C. staat hun aanwezigheid in de weg van een souvereine Palestijnse staat en vormen zij zo één van de grote struikelblokken voor de oplossing van dit conflict. Heeft ze gelijk?
Friday, April 18, 2008
Ni dieu ni maitre
Ook gefascineerd door de religieuze aanwezigheid in Antwerpen?
In het artikel in Verrekijkers 4 ging ik op bezoek bij een aantal religieuze gemeenschappen die opgericht werden door Afrikaanse, Indische en Russisch-sprekende gemeenschappen in Antwerpen. Als voorbereiding heb ik de berichtgeving in de media gevolgd en het viel me op dat daar een erg negatieve toon de dienst uitmaakt als het over de godsdientbeleving van migranten gaat. Er is niet allen de polariserende houding ten opzichte van ‘de moslimwereld’, waarbij het hele midden-oosten gemakshalve op een hoopje wordt gegooid, de Afrikaanse evangelische kerken worden steevast in één adem vernoemd met priesters die zich verrijken met de opbrengsten van de collectes in deze kerken. De boodschap klinkt – vaak expliciet – dat religie mensen in het beste geval dom houdt en een valse hoop opwekt met als gevolg dat gelovigen niet langer de handen uit de mouwen steken en zelf iets ondernemen om hun situatie te verbeteren. In het slechtste geval zou religie dan oproepen tot haat, zoals in de beeldvorming rond de Islam vaak wordt gepropageerd.
Ik wil best geloven dat journalisten hierbij niet gewoonweg op zoek zijn naar sensationele verhalen en enkel hun waakhondfunctie trachten uit te oefenen, maar wat mij hierbij opvalt is dat deze berichten een angst ten opzichte van religiositeit lijkt te verraden. Het lijkt wel alsof deze stemmen niet zozeer bezorgd zijn om een vermeende wilsverzwakking bij nieuwe migranten, maar eerder deze hernieuwde religieuze aanwezigheid in onze steden als een bedreiging voor de eigen seculariteit beschouwen. Waar is men bang voor? De oudere generatie lijkt erg beducht voor het keurslijf van religieuze voorschriften na de eigen jarenlange ontvoogdingsstrijd om zich te verlossen van het juk van de katholieke kerk in onze contreien. Alsof men bang is om deze, in feite recent verworven vrijheid, al onmiddelijk weer te verliezen als men de deur voor religie weer op een kier zet via de nieuwe migratiestromen. Terwijl elke groep een heel eigen weg heeft afgelegd en een zeer specifieke relatie met religiositeit heeft ontwikkeld. Voor de een zal religie beknotten en isoleren, voor de ander geeft religie net de vrijheid en kracht nodig om nieuwe samenlevingsverbanden te bouwen. Wie is ermee gediend om de religiositeit van Afrikaanse, Indische of Russisiche migranten door de bril van het zeer beperkte Vlaamse verleden te zien?
Wat denkt u? Staan wij nog te dicht bij ons eigen traumatisch verleden met de kerk om religie onbevooroordeeld tegemoet te treden of zullen we spoedig een positieve manier vinden om het samenleven met religieuze diversiteit in de stad te omarmen?
Tobi Lancsweert